MenuLevensmiddelenkrant
Laurens Sloot

'Consument merkt weinig van supermarktfusie'

GRONINGEN - Een samengaan van Ahold en Delhaize zal geen grote gevolgen hebben voor de consumenten in Nederland en België. Ze zullen er weinig van merken in de winkels, verwacht de Groningse hoogleraar retail en marketing Laurens Sloot. “Grote ombouwoperaties zijn niet nodig.”

Ahold heeft met Albert Heijn als marktleider in Nederland en met een dertigtal winkels in België een beproefde winkelformule. Sloot ziet in eventuele samenvoeging geen reden om die formule overboord te gooien. Hij verwacht ook niet dat de samenvoeging zal leiden tot het afstoten van supermarkten in België. “Er is weinig overlap met de supermarkten van Delhaize.”

Formules
Ook voor Delhaize ziet hij weinig reden om de formule aan te passen. “Beide ketens zijn zogenoemde service-supermakten en beide zijn in eigen land 'King of Food'. Ze passen goed bij elkaar”, stelt Sloot vast. “Als Delhaize of Albert Heijn als merken zouden verdwijnen, zou dat totaal nutteloos zijn.”

Baat
Sloot denkt wel dat puur gekeken naar de activiteiten van beide ketens in de Lage Landen - zowel Ahold als Delhaize haalt het grootste deel van de omzet uit de Verenigde Staten - dat de Belgen het meeste baat hebben bij een fusie. “Delhaize staat in België al zo'n tien jaar onder druk van Colruyt, de grootste supermarktketen in het land. Albert Heijn is door de Belgische consument goed ontvangen en het AH heeft in België ook een beter prijsimago. Op dat vlak valt voor Delhaize op de langere termijn nog een en ander te doen”, aldus de hoogleraar. “De organisatie bij Delhaize kan efficiënter en de keten kan leren van de manier waarop Ahold de online activiteiten heeft geregeld. Schaalgrootte bij online activiteiten is voor supermarkten nog van groter belang dat voor andere retailbedrijven.”

Delhaize
Maar ook over de hele linie, inclusief de activiteiten van beide ketens in de VS, profiteert Delhaize volgens de hoogleraar het meest van een fusie.

Lees ook: Delhaize en Ahold bevestigen fusiegesprekken

Bron: ANP